Een terugblik op het afgelopen seizoen…
Een jaarlijks terugkomend element tijdens het nieuwjaarsdiner is de algemene beschouwingen van het afgelopen jaar. We blikken terug op 1994.
Zoals altijd, begon het jaar met het traditionele stamdiner.
Vorig jaar was het thema vis, voor de gelegenheid waren dan ook de meest vreemde zeewezens opgedoken. Het bleek dat de vis en het gerstenat uitstekend met elkaar samen gingen. Zo’n vijftig à zestig personen kwamen door wat voor misverstand dan ook toch opdagen om de vis te proeven, en jawel het werd gezellig.
Op de allereerste normale opkomst, eind januari, stond programmeren op het programma dat we deze avond nog programmeren moesten. Omdat het geprogrammeerd was, wisten we dat we die avond een nieuw halfjaarlijks programma zouden programmeren.
Maar goed, die avond was er ook een zekere Edwin die vertelde dat hij, om ons tot nu toe nog onduidelijke redenen, een tijdje naar Engeland moest voor stage. De tranen sprongen ons spontaan in de ogen, we waren ontroerd. De rest van de avond werd opgeschrikt door een bezoekje van een vage reporter van het bij hem zelf wereldberoemde scoutingblad ‘Sin & Onsin’. De super snuggere jongen noteerde enkele wetenswaardigheden van de Anthonie van Diemenstam en vertrok even stiekem als hij was komen opdagen. Frank bleek op de hoogte te zijn van de komst van de reporter, maar had, om te voorkomen dat de helft van ons niet zou komen opdagen, deze boodschap voor ons, de onschuldige stamleden, verzwegen. In de eerst volgende uitgave van Sin & Onsin kregen wij een stukje met fraaie foto voor ogen waaruit bleek dat de AVD een traditionele, stam zou zijn.
Traditioneel betekend ouderwets geloof ik, dus die reporter was gewoon een klojo.
De tweede opkomst in het nieuwe jaar was wereldschokkend, enkele veel te nette pakken met mensen erin kwamen net als Jehova’s Getuigen een boodschap brengen. Zij hielden een verkooppraatje over water- en luchtzuiverings apparaten. De stam was blijkbaar niet het gemarnierde en naïeve publiek dat de pakken gewend waren, want zij reageerden nogal geschokt op de vrije opmerkingen uit het publiek. Otto was deze dag erg scherp en snee het financiële plaatje van de stropdassen in stukken. De stropdassen waren, al met al, goed voor een hoop discussie, een grote hoop lol en een grote hoop.
Mr. Bean goes hiking, het was de bedoeling dat half Nederland zijn voorbeeld zou volgen en zou meelopen met de AVD nachthike, maar na lang wachten moesten wij concluderen dat de gemiddelde nederlander daar anders over dacht, slechts zeven man inclusief enkele leden van onze groep liepen vannacht deze route. Ondertussen vermaakte de rest zich op het gebouw met enkele video’s van de allesovertreffende Engelsman Mr.Bean. Ondanks de lol was de Nachthike dit jaar niet zo’n succes en mede daardoor zal hij komend jaar op de agenda, die overigens al reeds is opgesteld, ontbreken.
Wanneer iemand zich vanavond niet zo goed mocht voelen, ga gerust onderuit, want op zaterdag 5 maart afgelopen jaar hebben de stamleden zich bekwaamd in het opwekken van de doden. Mevrouw op het Veld leerde ons dat het slachtoffer van bewusteloosheid, door hartstilstand of war voor oorzaken dan ook, eerst gekweld dient te worden met een pijnprikkel. De aanwezigen bleken uiteenlopende ideeën te hebben over de genoemde pijnprikkel, maar Mevrouw leerde ons dat een dodelijke kneep in de schouder het beste was. Als het slachtoffer daarop niet reageert bevindt u zich in een noodsituatie. U dient het slachtoffer dan hijgend op de mond te kussen, en het tussendoor sexueel te masseren. Nog enkele wetenswaardigheden over de wereld die hartmassage heet:
Als je alleen bent kun je het ook doen.
De massage voer je dan uit met de hand.
Het hart is een tweeklepper.
Het masseren kan niet te hard gaan, een paar gebroken ribben zijn, als het slachtoffer maar in leven blijft, in het voordeel van de persoon.
Na het uitreiken van de diploma’s en de 06-11 stickers werd de tweede helft van de avond gevuld met onpartijdig Triviant, de zaak werd in de gaten gehouden door spelleider Marcel, Marcel was niet partijdig. Aan de bar besloten wij in een ‘gezonde’ walm van tabaksrook en andere gassen met een ‘gezond’ glaasje bier in de ene en een ‘gezonde’ snack-hap in de andere hand deze gezond geslaagde avond.
De eerste avond waar een pow-wow op het inmiddels uitgewerkte programma stond, was waarschijnlijk doordat die pow-wow op het al vele malen genoemde programma stond, niet erg druk bezocht. Martijn van Dijken, hij die de pow-wow zou houden, kwam enkele minuten te laat binnen met een smoes van een moordaanslag op zijn leven door een stel bejaarden, die via de Bond van Ouderen kamikaze-acties tegen niet-leden waren begonnen. Martijn vertelde ons dat hij zijn leven dankte aan de degelijke ruitewissers aan de auto van de daders. Na een beetje bijgekomen te zijn van de schok en schrik stak hij van wal met genetische manipulatie.
Rob de Visser, naar sommigen dachten zelf slachtoffer van enige vorm van manipulatie, sprak dit onderwerp enorm aan. Martijn vertelde over de meest verschrikkelijke testen en experimenten en via planten, aardappels en dieren kwamen we bij mensheid terecht. Ideetje? ; een winkel op de hoek waar je een baby naar wens kunt samenstellen en 9 maanden later kunt laten thuisbezorgen door een student (die ook maar wat bijverdient) op een net iets te kleine brommer met zo’n kistje achterop. De eindeloze discussie die daaruit voortvloeide eindigde ook deze avond weer aan de bar.
HIT 1994, de HIT is altijd weer het begin van het grote werk. Dit jaar viel de eerste dag op 1 april; en dat was geen grapje! Na het willige gat van de vrachtwagen verzadigd te hebben met de nodige materialen ging de tocht richting Anloo…..1 APRIL…de tocht ging richting Dwingeloo. Na daar aangekomen de palen hout gesorteerd te hebben, u weet wel; die van 1.95 m. bij elkaar, vervolgens die van 1.96 m. bij elkaar, daarna die van 1.97 m. bij elkaar etcetera.. gingen we met het oranje boodschappenwagentje richting de C100.000. Met worteltjes, bonen, hamburgers, appels, melk, yoghurt, aardappelen, vla, eieren, sinaasappels, broden en nog meer groente werd de vrachtauto volgestapeld. In Dwingeloo werden de worteltjes, bonen, hamburgers, appels, melk, yoghurt, aardappelen, vla, eieren, sinaasappels, broden en nog meer groente vervolgens weer uitgeladen. Ondanks de regen slaagden enkele lieden er toch in verschillende tenten omhoog te krijgen, zo zie je maar dat stamleden toch nog iets omhoog kunnen krijgen. De eerste ochtend viel ons zwaar, Wubbe probeerde ons dan ook tevergeefs uit de tent te praten. Na een uitgebreid ontbijt zagen wij onze oranje truck voorzien worden van een lange afstands communicatie mechanisme, hierendaar begonnen mensen spontaan iets zoals ‘ether-discipline’ te mompelen. Het was blijkbaar niet de bedoeling onderweg piraatje te spelen. Met Gerben als coördinator kwam er een team-work op gang van hier tot aan het Wagenwiel. Zondagochtend; Het lieflijk gejammer van de vozende paashazen zou ons gewekt kunnen hebben, maar de harde realiteit bleek anders uit te pakken. Het gebrul van ons aller Tjalling stoorde ons zo in onze slaap dat we er wakker van werden. We zorgden vandaag dat de juiste vlotten op de juiste tijd van hot naar her en weer terug gesleept werden en vermaakten ons prima met het bewonderen van het geploeter van de deelnemers/-sters. Op de vierde dag, 3 april <1 APRIL> 4 april, waren de weergoden ons, net als de rest van het weekend, goed gezind. Janmaat zou trots geweest zijn als hij het kampterrein zag, het terrein was bijna helemaal blank. Nadat alle deelnemers richting huis teruggekeerd waren braken wij het kamp op, haalden het in gedachten door een reusachtige wringer en stopten het in de vrachtauto. Daarmee reden we vervolgens naar Assen en hingen het in ons gebouw te drogen.
De volgende dag ruimden we de rest van de troep op en thuis aangekomen doken we snel in ons bedje. ‘s Nachts droomden we nog even van overstromingen, maar dat viel de volgende ochtend reuze mee, eindelijk thuis wakker geworden.
Met de HIT nog vers in gedachten verzamelden we ons zaterdagavond 16 april bij sporthal Marsdijk. Na een uitputtende warming-up, gingen we aan de slag met net en bal. Ondergetekende had af en toe nogal moeite het hoofd er helemaal bij te houden, zijn hoofd werd voortdurend geraakt door ongecordineerde en iets te hard geschoten ballen. Deze avond werd voor de verandering eens niet aan de bar aan de Houtlaan besloten (, maar in Marsdijk).
Queensday 1994, de avond begon met een vurige discussie over de Jamboree-loten die wij verkopen zouden moeten. Tijdens deze discussie mengde Gerben zich zo fanatiek in de discussie dat de vonken in zijn haar sloegen, zeg kan dat vuur niet hoger? Na deze warme start brandde Peter los met zijn pow-wow, hij vertelde het een en het ander over het koningshuis. Tussendoor vuurde hij de wildste vragen op ons af. De meeste belanden op het vuur. Over vuur gesproken, kan dat niet hoger? ‘T is nogal koud. Om bij te komen dronken we nog wat vuurwater aan de bar en gingen ieder onze eigen weg.
De volgende avond ging samengevat over rollades, brandweerlieden, wip wapperende Jorissen en Boltjessen en over homosexuelen. Omdat bleek dat op dit alles binnen de stam geen taboe ruste, is dit de moeite van het bespreken niet waard en ga ik derhalve verder met de Monsteravond.
Maar liefst 25 procent van de stamleden had de moeite genomen op te komen dagen. Op de outdoorfacility-plannen van Wim H. na was het enige vermeldingswaardige van deze avond dat Erik Post een maandje eerder verhuist was. Om zijn privé-leven te waarborgen zal ik zijn adres Top Naefflaan 17 te Groningen nu niet voorlezen. Tegen een geringe vergoeding is na afloop van deze avond zijn adres bij mij te verkrijgen.
Omdat het de bedoeling was het volgende seizoen te beginnen met een startweekend werd besloten dit seizoen eens niet af te sluiten met een slotweekend. Ik kan u dus niet vertellen wat zich allemaal heeft plaatsgevonden tijdens dit slotweekend.
De Europese Jamboree 1994.
Op 1 augustus 1994 zou de eerste Europese Jamboree voor de deelnemende kindertjes beginnen. Dit evenement had als lokatie een stuk polder naast het welbekende recreatiepark ‘Walibi-Flevo’, gelegen op de resten van wat eens de Flevohof was. Maar een maand eerder, op 1 juli, begon het evenement al een beetje vorm te krijgen, want de eerste medewerkers hadden op het terrein al hun tent c.q. caravan neergezet. Zo ook een enkel lid van de inmiddels door heel Europa bekende Anthonie van Diemenstam. Zij, die met hun oranje das toen al aanwezig waren, behoorden tot het team Tents. Dat team, ja i.v.m. het Europese karakter waren een heleboel dingen in het Engels. De meeste Engelsen vinden echter niet dat zij tot Europa behoren, dus waarom Engels? Enfin dat team dus, hield zich bezig met het opzetten, verplaatsen en weer afbreken van tenten varirend in grootte van 5 bij 5 tot 30 bij 70 meter. En dan heb ik het hier alleen nog maar over de ingang van die tenten. Bij de wat grotere tenten lag de verantwoording niet bij het team, maar bij het Aalster Tentenbedrijf van den Werf uit Valkenswaard. Over deze professionele tentenbouwers zou men een boek vol kunnen schrijven. Zelf hadden ze ook al een stukje bedacht en het over hun hele lichaam laten drukken. Werkelijk waar deze mannen zaten helemaal onder de tattoo’s met bijbehorend telefoonnummer van een verzekeringsbedrijf uit Apeldoorn. Aan deze plakplaatjes kon je gelijk zien wat voor beesten zij beweerden te zijn.
Overdag was het team bezig met het assisteren van de tattoo’s, ‘s avonds deed het team nog wat kleine klusjes alvorens te gaan relaxen met een potje bier. Een fijn hulpmiddel bij het relaxen was een elektrokarretje, hierna gewoon Spijkstaaltje genoemd, en bij tijd en wijle zelfs een heftruck. Deze vervoermiddelen dienden voor het transport van zowel materiaal als van personen. Afijn, op een goeie dag reed hij met het rode petje, op een heftruck, waarop zich ook nog een enkel ander persoon bevond. Dit geheel werd tot stoppen gebracht op een wel heel bijzondere wijze, namelijk door enorm gebrul van het voor de bar gelegen terras. Het kabaal werd geproduceerd door één man, hierna gewoon Bromsnor genoemd. De man was plaatsvervangend hoofd van de Security, hij was dezelfde middag op het terrein aangekomen. Na deze onvergetelijke actie, begon hij tegen hij met dat rode petje een verhaal over de Arbo-wet enzo.., en toen kwam er een olifant met een hele… het team schudde het hoofd en reed door. Na de algehele spraakverwarring die hierop volgde wist niemand beter of de security heette securitate, u weet wel Roemenië met chauchescu.
Goed, buiten het oprichten van het kampterrein voor 1 augustus, had het team er vanaf dat moment een extra moeilijkheid bij. Ondanks alles was het team op 31 augustus zo goed als klaar met tentenbouwen. Dat dachten ze tenminste, in de nacht van de maandwisseling vonden de weergoden het blijkbaar nodig om het halve terrein plat te blazen. Het mooiste voorbeeld van wat een beetje wind kan uitrichten was een Alu-hal van 20 bij 35 meter die als een koektrommel was opengeklapt. Het dak van de tent lag nu naast de vloer. De aluminium spanten waren afgebroken als de spreekwoordelijke lucifersstokjes. Kortom : Chaos alom. Met vereende kracht werd de schade herstelt, de dagen daarna waren goed voor het aanbrengen van haringen bij alle tenten.
Ondertussen was reeds een ander deel van de AVD en JPG in de polder gearriveerd. Zij maakten deel uit van het ondersteunend personeel van Subcamp 1, en hielden zich bezig met materiaalverzorging, hygiëne en vele andere zaken binnen het bewuste subcamp. Een gedetailleerd verslag kan ondergetekende tot zijn grote helasiteit niet geven, wel kan nog vermeld worden dat terwijl de kindertjes elkaar in de fik staken en ander spelletjes speelden deze medewerkers zich geïnstalleerd hadden in een spetterbadje of op het dakterras.
Op 1 augustus, kwam het gros van de deelnemers aan op het kampterrein. De medewerkers van subcamp 1, speelden die tijd voor gastheer/ -vrouw voor de Nederlandse, Engelse, Ierse (lekker naast elkaar), Schotse, Belgische, Spaanse, Italiaanse, Portugese, Lichtensteinse, Andorreese, Zwitserse, Luxemburgse, Oostenrijkse, Roemeense, Bosnische, Servische, Bosnisch-Servische, Servisch-Bosnische (vindt je het gek die oorlog), nog meer ex-Joegoslavische, Bulgaarse, Hongaarse, Griekse, Duitse, Slowaakse, Tsjechische, Poolse en voornamelijk Franse deelnemers. Ze wezen de buitenlanders hun plek en maakten ze wegwijs op het immense kampterrein, na een dag waren ze daar al moe van al die veel te moeilijke talen (van wie was idee om al die buitenlanders uit te nodigen op deze Europese Jamboree?). De opening begon met een toespraak van kampleider Hans van Ark, gevolgd door een praatje van premier Lubbers. Daarna presenteerden de verschillende landen zich, toen veel ballonnen en tenslotte een minder geslaagde Wild West show. Het tiendaagse spektakel was voor geopend verklaard. Voor de deelnemers waren er tal van activiteiten. Enkele voorbeelden: zwemmen, een geliefde bezigheid i.v.m. de onnederlandse temperaturen, ‘s nachts was het warmer dan in een gemiddelde zomer overdag; Er kon gezeild worden, dagtochtjes naar de molens in A’dam; er waren hikes, en je kon zelfs duiken. De deelnemers uit het noorden hadden het ‘noar ‘t zin’, de kinderen uit het zuiden vonden het ‘kei-gaaf’. De AVD vermaakte zich prima, subcamp 1 werkte zich te pleuris, Tents liep rond en relaxte hier en daar wat.
Het was echter niet een en al plezier, er viel ook een enkel sterfgeval te bespeuren. De ons allen bekende Piet Vennema overleed aan de gevolgen van een hartaanval. De volgende avond was reeds een herdenkingsbijeenkomst georganiseerd, deze werd massaal bezocht, en zo hoort dat.
De Jamboree ondertussen ging door, en op 11 augustus was daar alweer de sluiting, met groots vuurwerk, van de eerste Europese Jamboree. De dagen die daarop volgden stonden in het teken van afbreken, opruimen en vertrekken. Enkele medewerkers van Tents vertrokken op 20 augustus als laatste het terrein dat er overigens weer bij lag zoals beschreven in het boek Genesis: ” De polder nu, was woest en ledig…”. Deze inspiratie heeft waarschijnlijk te maken met het Flevo-totaal festival dat op een deel van het Jamboree terrein inmiddels van start was gegaan. Nog een half jaartje voor de volgende Jamboree, de verwachtingen van het team Tents zijn hoog gespannen, voornamelijk met het oog op de hernieuwde kennismaking met de eerder genoemde en reeds uitgekotste Bromsnor. Hij zal hopen dat hij droomt als hij hem met dat rode petje weer tegenkomt. Bromsnor is er namelijk van overtuigd dat hij met dat rode petje, erop uit is om de hele boel op de Jamboree te verzieken, met zijn ge-etter de hele tijd. Snode plannen van de zijde van het team Tents zijn reeds gemaakt, maar dienen wegens gevaar van uitlekken voorlopig geheim te worden gehouden. In het jaarverslag zal hiervan uiteraard melding gemaakt worden.
Met de Jamboree nog vers in ons geheugen begonnen we aan de eerste stamavond van het nieuwe seizoen ’94-’95, het was 3 september 1994 weer reuze gezellie. Na het nodige besproken te hebben over; de overgang van alweer nieuwe een lading rowans; de uitzondering Wilfred V. toen nog uit A. die terug wou komen bij de groep als stamlid werd de ernstigste discussie sinds jaren bij de stam voortgezet. Op deze discussie kom ik later nog even kort terug, want Harmen de Jonge, de boef, belde om zich te verontschuldigen, hij had vergeten bier halen bij de groothandel en waarschijnlijk om represailles te voorkomen was hij voor de gelegenheid maar even ondergedoken. Harmen = plasbips. Om vooral maar niet helemaal uit te drogen lapten we allen wat geld en zonden twee heren met ± 70 gulden naar het FINA-tankstation. Niet lang daarna keerden zij terug met de gehele biervoorraad van de FINA-kampwinkel, kon het toch nog gezellig worden.
Zaterdag 17 september 1994.
Een aantal zaken stond vanavond vast; ten eerste Robert Pastoor, die jongen die er toch al nooit was, verblijft een half jaartje in Indonesië voor stage; ten tweede Jeroen Bartels, die jongen die er ook nooit was, is weer terug, hoezo? was die weg dan? ja die was weg anders was ie er wel geweest; ten derde het programma voor het overvliegen was klaar; en ten slotte de discussie waar ik het al eerder over had zit niet langer muurvast maar loopt.
Voor de duidelijkheid: deze discussie kenmerkte de avonden van het afgelopen jaar. De discussie kwam op gang omdat we sinds enkele tijd bepaalde concurrerende stammen in uniforme werkkleren zagen rondhuppelen. Op evenementen als de HIT en het NPK maakten zij de zier met leuke gekleurde pakken, zogenaamde over-alls. Afijn, de tijd was rijp voor de AVD om ook maar eens de aanschaf van zo’n pakkie te overwegen. Nu denkt u misschien dat zoiets snel gebeurd is, maar dan kent u de AVD nog niet. Op een goeie dag kwam er een AVD-er met de geniale opmerking dat we in plaats van zo’n burgerlijke overall veel beter een tuinbroek konden nemen. Een tuinbroek is origineel, en je kunt je er beter in bewegen. Vanaf dat moment stonden we voor de keuze: overall of tuinbroek.
Wat is een overall of een tuinbroek nu eigenlijk?
Een over-all is volgens mijn woordenboek een werkpak dat je over je kleren aantrekken kan. Dat werken moet je maar snel vergeten, zo’n pak is natuurlijk gewoon een stukje marketing.
Tuinbroek kon ik niet vinden in mijn woordenboek, maar in feite is dat gewoon een afgeknipte overall met van die touwtjes om de rest omhoog te houden. Na lang onderhandelen werd er uiteindelijk toch voor een overall gekozen, maar dan ben je er nog niet. Die dingen zijn in allerlei soorten en maten verkrijgbaar, theedoek-formaat voor de kleinere medemens onder ons, zwangerschapsmaten voor de tevreden bierdrinker. Naast maten heb je ook de keus uit diverse extraatjes; reflectorstrepen voor het nachtleven; extra zakken voor de verzamelaar; of een goedkopere versie zonder armen en benen etcetera..
Als je dit eenmaal hebt gehad dan is er nog de kwestie van de kleuren: Het eerste wat besloten moet worden bij de aanschaf van een werkpak is de kleur. Er is voor ieder werkje een aparte kleur, de blauwe kleur is natuurlijk voor de man die dagelijks op zijn tractor zijn landerijen overcrosst met de bedoeling na een half jaartje de Nederlandse bevolking van voedsel te voorzien. Persoonlijk vind ik deze agrariërs maar een stel domme boeren, want iedereen weet dat je eten gewoon in de winkel kunt krijgen. U begrijpt, blauw is een onmogelijke kleur. Wit dan, wit is om praktische redenen niet aan te bevelen, dat zult u wel begrijpen. Nu zijn er natuurlijk ook mensen die zeggen: “Jullie werken nooit, dus vies worden jullie toch niet.” < SNOT PULKEN EN UITSMEREN >
Met die mensen ben ik het niet helemaal eens.
Groen, de kleur van de natuurmens. Menig boswachter of ambtenaar bij de plantsoenendienst kan tussen de struiken ontdekt worden in een groen pak… Groen is een camouflage kleur, vooral als je niet beweegt, wanneer bijvoorbeeld even op je schoffel staat te leunen, ben je zowaar niet te ontdekken in de natuur. Als je jezelf al niet eens meer kunt ontdekken in de natuur, dan verdwaal je vast heel snel en dus hebben wij van de Stam maar besloten dat groen ook niet de geschikte kleur voor ons was. Bruin is, hoewel het sommigen niet zou misstaan, erg ouderwets. Kleuren als rood, geel en paars zijn daarentegen weer te modern en passen beter thuis op een house-party dan bij de AVD. Maar goed u begrijpt het al, er blijft uiteindelijk maar één kleur over en dat is oranje. Oranje is al enige tijd de kleur van het Koninklijk Huis, Prins Bernhard wordt er ziek van, maar dat komt waarschijnlijk omdat hij Duitser is, en dat blijft gevoelig hoor.
Maar wat veel belangrijker is, dat oranje de kleur van helden is. Menig slachtoffer van bijvoorbeeld een vliegramp wordt door een stoere man, in oranje pak (eventueel met fluorescerende strepen), gecommandeerd op te houden met kermen omdat er een journalist is die enkele vragen wil stellen. Oranje is daarom dé kleur van de AVD en daarom ook dé kleur van de overall. Omdat je helden en helden hebt komt er voor de duidelijkheid ook nog het één en ander aan opdruk een naaiwerk op; “De AVD helpt iederee…n”
Today Always-day. Always is dat populaire maandverband dat van dons van jonge vogeltjes gemaakt wordt, vandaar die vleugeltjes. Zaterdag 1 oktober; het overvliegen, de rowans zouden ‘s avonds overvliegen, overdag werden ze alvast bang gemaakt met een busje dat op het gebouw arriveerde en waarin de ingrediënten voor een op z’n minst reusachtig vlot verdwenen. Het materiaal had echter een andere bestemming, de boys zijn die middag dus voor niets overstuur geraakt. De vorige avond moesten de aspirant-stamgasten vanaf een bepaalde tijd een opgegeven telefoonnummer bellen.
Op dit nummer kregen ze enige informatie van een cassette bandje. Het kwam er op neer dat ze alles wat ze dachten nodig te hebben mee moesten nemen en moesten vermelden op een paklijst. Ze werden vervolgens zaterdagmiddag 17:00 uur met fiets aan de Houtlaan verwacht. Nadat de paklijsten gecontroleerd waren en de bagage van sterke dranken en andere lekkernijen waren ontdaan vertrokken de jongens op de fiets om op verschillende adressen enveloppes op te halen met daarin steeds een letter. Even puzzelen en op naar LOON. Daar kwamen zij enkele stamleden tegen die de sleuteltjes van de fietsen in beslag namen en boys op wegstuurden naar de grote zandkuil op het Ballooerveld.
De boys lopen en de stam er met de fietsen vandoor, ha, ha! Op het Ballooerveld kregen de jongens wat te eten voordat ze met de ogen afgeplakt op een donkere plek aan de rand van een onbekend bos gedropt werden. De weg terug vinden was niet zo’n probleem en al snel konden de boys zich even aan de Stam voorstellen en een korte introductie krijgen op het stamgebeuren. Volgens één zo’n nieuwe boy hebben we daarna nog een poosje gezellig zitten bijkletsen ter afsluiting van een bijzonder geslaagde avond, wij als geroutineerde stamleden kunnen ons daar echter weinig meer van herinneren.
Zondag 16 oktober schreef menig ex-rowan in zijn dagboekje over de vorige dag. Mijn eerste stamavond….
Wat was er die avond te doen aan de Houtlaan? Deze opkomst hebben we reeds eerder vermelde oranje overalls gepast. Ieder kreeg de gelegenheid zijn wensen kenbaar te maken, zodat ergens in een ver land de handgebreide pakken op maat gemaakt konden gaan worden. Na dit spektakel werden de nieuwste bar-regels, met het oog op beter toezicht bekend gemaakt. Het volgende programmapunt betrof het programmeren. Er moest weer creatief gedacht worden om een excuus te verzinnen niet te hoeven programmeren, maar vanavond geen excuus erg genoeg om niet een programma op papier te hoeven zetten. Er moest en zou geprogrammeerd worden.
Twee weken later in het zelfde stamhol;
Erik G. de G. dient een wetsvoorstel in elke avond de aanwezigen te noteren met de bedoeling aan het eind van het seizoen degene die het meest niet afwezig was te belonen met een slagroomtaart. Dit voorstel was meteen goed voor de helft van de aanwezigen om vaker afwezig te zijn, want zij hebben veel liever mokka. Het opkomstpercentage blijkt gemiddeld zo enorm hoog te liggen dat wanneer de volledige groep aanwezig zou zijn ik tweederde niet een zou herkennen. De rest van de vanavond werd aangebroken met spel “Trinomino”. Trinomino is spel dat net als domino gespeeld dient te worden maar dan met driehoekige stenen. Het is dan ook een heel modern spel, want het sluit mooi aan bij de bezuinigingen van deze tijd. Na dit spel “Oh, wat spelen we weer niet vals”, voor de vier groepjes nog enkele opdrachten. Zo was er een opdracht in de middle of nowhere langs de deuren koeken verkopen. Er was een opdracht schmink jezelf verrot en maak er een foto van. Er was een opdracht ga een pen ruilen tegen een Rolls Roys of iets anders van waarde. En tenslotte prop een cassette vol met zoveel mogelijk Metallica en eventueel een andere groep. Na deze opdrachten met voldoening te hebben uitgevoerd terug op het gebouw, werden we verrast met terugkomst van Dave, hij was enige tijd eerder gedropt bij Taarlo. Hierna hebben we nog gezellig aan de bar gezeten, een geslaagd programma.
Enkele weken daarna worden er alvast lootjes getrokken voor het Sinterklaas-feest, de tijd van de overdreven verlichte huiskamers is weer aangebroken. Op een enkeling na gaat iedere bejaarde op zolder rommelen op zoek naar de sinterklaas- en kerstversiering die ze vorig jaar in de kelder gezet hebben omdat de kinderen dat gestunt op die zolderladder maar niks vonden voor oude mensen. Alles gaat nu eenmaal wat trager op die leeftijd, dus een maand later is het huis geheel volgehangen met verlichting en decoratie. De kaars staat weer op tafel en dus is voor de zekerheid één van de keukenkastjes alvast tot de nok toe gevuld met lucifers.
Het hoofdprogramma werd deze avond gevuld door de po-wow van Wilfred. Het onderwerp was Geodesie. Geodesie is landmeetkunde. Landmeetkunde is het werk van een landmeetkundige. Het werk van een landmeetkundige is het meten van terreinen en dat in kaart brengen voor het kadaster. Dit klinkt heel simpel, maar dat is het niet. Je kunt namelijk op honderd en één manieren een kaart maken. Op de fiets, met ‘t vliegtuig, per satelliet, als je een OV hebt zelfs met de bus. Je kunt zo’n kaart met pet of potlood tekenen, als je met potlood wilt tekenen heb nog weer de keus uit gewoon potlood of kleurpotloden enfin. Geodosie is net zo moeilijk als het klinkt.
Sinterklaas was lachen, leuke, maar vooral veel cadeautjes moesten worden uitgepakt. Er was uiteraard weer creatief bij gerijmd. Het was een gezellige pakjesavond.
Maar plots was daar
Geheel onverwacht
Het einde van’t jaar
Wie had dat gedacht?
De beste wensen van de AVD en nog een prettige avond verder.
Bedankt voor uw aandacht.
Uw stamtammer (Gerard van den Berg)

